Foto: Rene Borkent

De vakbeweging op retour

Column Frits van Schaik

Het is tamelijk kommer en kwel in vakbondsland. Het ledenverlies liegt er niet meer om. De grootste vakcentrale, de FNV, heeft becijferd dat bij de bij haar aangesloten bonden een kleine honderdduizend leden het lidmaatschap hebben opgezegd. De zusterorganisatie van de FNV, de christelijke vakorganisatie, het CNV, constateert eveneens daling van het ledenaantal bij de aangesloten vakorganisaties. Anders is het nog gesteld met de ledenontwikkeling van de bonden die bij de kleinste vakcentrale, de Vakcentrale voor Professionals (voorheen de Vakcentrale voor Middelbaar en Hoger Personeel) zijn aangesloten. Deze vakcentrale heeft de afgelopen jaren enkele vakorganisaties mogen verwelkomen. Dit verklaart dan wel de positieve ontwikkeling van het ledenbestand. Van een natuurlijke ledengroei is overigens geen sprake. Grosso modo kunnen we dus constateren dat de Nederlandse vakbeweging op haar retour is. Of dat de verhoudingen tussen de sociale partners in ons land, dus de werkgeversorganisaties en de werknemersorganisaties ten goede komt, is maar de vraag. Een land met krachtige en slagvaardige werkgevers- en werknemersorganisaties kan prat gaan op een herkenbare sociaal-economische structuur. Het is in dit verband eigenlijk van de zotte dat de voorzitster van de grootste onderwijsvakbond het veld heeft geruimd omdat de achterban de door minister Slob van Onderwijs toegezegde enkele honderden miljoenen euro's voor de onderwijssector heeft afgewezen en de leden (onderwijzend personeel) toch heeft opgeroepen een dag het werk neer te leggen.


De vraag doet zich zo langzamerhand voor of de vakbonden nog kunnen wijzen op een hechte relatie met de achterbannen. Velen twijfelen daaraan en verwijten de bonden dat zij eigenlijk geen idee hebben wat er speelt. Het is niet voor niets dat de vakbeweging op haar retour lijkt te zijn. Vakbonden, zijn van oudsher ook beroepsorganisaties, Zij worden nu bij uitstek geconfronteerd met een samenleving die bezig is zich sterk te individualiseren. Dat wil zeggen dat groepsvorming en een springlevende verenigingsstructuur tot het verleden lijken te behoren.

Vakbonden vertrouwen te veel op oude, inmiddels verkalkte overlegstructuren die door veel jongeren niet meer serieus worden genomen. Laten we kijken naar sectoren als die van de bouw, het onderwijs, de zorg en niet te vergeten de land- en tuinbouw. Het zijn verbaal goede ontwikkelde jongeren die in de protestacties en werkonderbrekingen het voortouw nemen en op een ludieke, maar zeker overtuigende wijze de protesten en acties handen en voeten geven en absoluut weten waar zij het over hebben. Daarvoor hebben zij een overgeorganiseerde vakbeweging niet (meer) nodig. Wij kunnen het zelf wel,zo luidt hun opvatting. De veranderingen in de samenleving gaan niet aan de positie van de van oudsher gevestigde vakorganisaties voorbij. Laat dat een waarschuwing zijn voor dit deel van de vakbeweging dat zich door eigen gedrag lijkt te isoleren. Geen aanlokkelijk vooruitzicht.

Meer berichten